ARTIKELEN
Warmtepomp: eenvoudige controles om uw verbruikskosten laag te houden
Wat u zelf veilig kunt nakijken aan thermostaat, warm water en meetgegevens, en wat u beter aan uw installateur overlaat.
Een warmtepomp maakt geen warmte door brandstof te verbranden. Ze haalt warmte uit de buitenlucht, de bodem of het grondwater en brengt die naar binnen. Volgens de Vlaamse overheid haalt een warmtepomp 60 tot 80% van de nodige energie uit de omgeving; de rest komt van elektriciteit (Vlaanderen.be). Wat die elektriciteit u kost, hangt sterk af van hoe u het toestel gebruikt. Hieronder vindt u controles die u zelf kunt doen, waar u ook woont in België, zonder iets aan de installatie te openen of te verstellen.
Rustig en laag werkt het best
De Vlaamse Nutsregulator geeft een eenvoudige vuistregel: om uw warmtepomp efficiënt te gebruiken, verwarmt u best op een lage temperatuur en houdt u de gewenste temperatuur constant (Vlaamse Nutsregulator). Op dezelfde pagina staat de raad om de beste instellingen voor uw warmtepomp samen met uw installateur te bekijken.
Concreet betekent dat:
- Kies één aangename stand op de kamerthermostaat en laat die staan. Meermaals per dag hoger en lager draaien, gaat in tegen het advies om de temperatuur constant te houden.
- Wees voorzichtig met een grote nachtverlaging. Een gewoonte van bij de oude gas- of mazoutketel, zoals 's avonds de verwarming ver terugdraaien, past niet noodzakelijk bij uw warmtepomp. Vraag uw installateur welke nachtstand past bij uw woning en uw soort verwarming.
De aanvoertemperatuur, in gewone woorden
De aanvoertemperatuur is de temperatuur van het water dat de warmtepomp naar uw vloerverwarming of radiatoren stuurt. Hoe lager die kan blijven terwijl het binnen comfortabel blijft, hoe beter. Leefmilieu Brussel legt het zo uit: hoe kleiner het verschil tussen de temperatuur van de bron (de lucht, het water of de bodem waaruit de warmte komt) en die van uw radiatoren of vloer, hoe efficiënter de warmtepomp werkt (Leefmilieu Brussel). Daarom past lagetemperatuurverwarming, zoals vloerverwarming of aangepaste radiatoren, er het best bij.
Sommige installaties hebben een buitenvoeler: een kleine thermometer buiten waardoor de watertemperatuur automatisch aan het weer wordt aangepast (Woningpas Vlaanderen). Daar hoeft u zelf niet aan te komen. Is het bij zacht weer te warm in huis, of wordt het nooit helemaal warm genoeg? Noteer het en vraag uw installateur om ernaar te kijken.
Warm water: comfortabel, maar veilig
Op warm water beknibbelt u beter niet. Het Vlaamse Departement Zorg raadt aan om warm water minstens 55 °C, idealiter 60 °C te houden, want de legionellabacterie, die in warmwaterleidingen kan groeien, sterft af boven 55 °C (Departement Zorg). Na een vakantie is het volgens dezelfde bron een goede gewoonte om alle kranen een paar minuten door te spoelen.
Heeft uw installatie een programma dat het boilervat regelmatig extra opwarmt (vaak een antilegionellafunctie genoemd)? Vraag dan aan uw installateur hoe dat is ingesteld en wanneer het draait.
Kijk dit zelf na
Thermostaat: noteer een week lang welke stand u overdag en 's nachts gebruikt.
Uw eigen gegevens: met een digitale (communicerende) meter toont uw netbeheerder, die op uw factuur staat, uw elektriciteitsverbruik online:
- Vlaanderen: Mijn Fluvius toont het per dag, maand en jaar, en zelfs per kwartier.
- Wallonië: myORES toont uw meterstanden van de vorige dag en tot vijf jaar geschiedenis; een kwartierweergave kunt u laten activeren. Bij RESA toont het portaal MyRESA uw verbruik dag per dag en per kwartier.
- Brussel: Sibelga biedt de gratis app My Sibelga en een webportaal aan.
Let op: dat is het verbruik van uw hele woning, niet van de warmtepomp alleen.
Het scherm of de app van het toestel: toont die het energieverbruik, noteer het dan één keer per maand, zodat u maanden kunt vergelijken.
Pieken: kijk of de warmtepomp tegelijk draait met de oven, de droogkast of de laadpaal. In Vlaanderen legt ons artikel over het capaciteitstarief uit waarom dat telt.
Kijken, niet aankomen: loop af en toe langs de buitenunit. Bladeren, sneeuw of ijs die zich ophopen, of een ongewoon geluid, meldt u best aan uw installateur.
Voor u iets verandert
Schrijf op wat u opviel en vraag het aan uw installateur, in plaats van zelf technische instellingen te wijzigen. Leefmilieu Brussel raadt aan een warmtepomp regelmatig te laten controleren: filters moeten gereinigd worden en sommige onderdelen verslijten. De Waalse energieadministratie benadrukt dat een warmtepomp correct gedimensioneerd en geïnstalleerd moet worden, en raadt sterk aan om gecertificeerde vakmensen in te schakelen (Energie Wallonie). Werken aan het koelmiddel (de vloeistof in de warmtepomp die de warmte transporteert) is wettelijk voorbehouden: in Europa mogen enkel erkende koeltechnici van erkende bedrijven ermee werken (Vlaanderen.be).
Wij beloven geen besparing: elke woning, installatie en gewoonte is anders.
Wilt u een onafhankelijke blik op uw warmtepomp, meetgegevens en facturen? Vertel ons over uw woning.
